Berio - Folksongs. Met Noord Nederlands Orkest o.l.v. Tabachnik
Cora Burggraaf kon daarvan meeprofiteren in haar ronduit sublieme vertolking van de elf Folk Songs van Luciano Berio (1925-2003), waarbij ze niet alleen haar zangcapaciteiten tot in de grondtonen heeft ingezet, maar waarbij ze in beweging en mimiek steeds opnieuw de sfeer wist over te brengen die bij elk nummer op zich paste. Met ingetogen hartstocht: uitstekend in balans.
www.muziekenmensen.nl, nov 2010
_____________________________________________________________
Gounod - Roméo et Juliette. De Nederlandse Opera.
Gelukkig zijn er uitstekende bijdragen van Nederlandse zangers in de bijrollen. Cora Burggraaf vertolkt haar glansrol van Stéphano. Ze was dit jaar en twee jaar geleden al tijdens de Salzburger Festspiele in deze rol te bewonderen – waarvan een DVD is uitgebracht – en zal later dit seizoen de partij in de Scala zingen. Cora Burggraaf vertolkt haar aria “Que fais-tu, blanche tourterelle” in de derde akte zelfverzekerd en met jeugdige pit. Haar stem heeft een gouden laagte en indrukwekkende hoogte.
www.operamagzine.nl, okt 2010
_______________________________________________________________
Poulenc - La voix humaine. Operadagen Rotterdam 2010
(zie ook trailer bij audio/video)
Het kleinste vonkje hoop is van het gezicht te lezen
Wat doe je wanneer je je geliefde aan de telefoon hebt en weet dat hij je gaat verlaten? Jean Cocteau schreef er een eenakter over die Francis Poulenc dertig jaar later gebruikte voor een opera waarbij je het liefst zou willen wegkijken.
Het stuk beent de wanhoop van de vrouw geheel uit. Al haar pogingen om opnieuw voet aan de grond te krijgen bij de man aan de andere kant van de lijn worden breed uitgemeten: de overmoed die hij ooit zo aantrekkelijk zal hebben gevonden, de kalmte waaruit moet blijken dat ze opgewassen is tegen het alleen-zijn, haar herinneringen aan de tijd waarin de liefde bloeide. Uiteindelijk breekt ze en laat ze zich naakt en kwetsbaar kennen.
Tijdens de Operadagen Rotterdam waren de kleinste vonkjes hoop van het gezicht van de mezzosopraan Cora Burggraaf af te lezen.
Dankzij een camera die haar in close-up volgde, kwamen haar gezicht, haar handen en haar lichaam op een gigantisch beeldscherm in de Grote Zaal van de Doelen intiem dichtbij. Tegelijkertijd zag je op het podium haar nietigheid; haar aarzeling om uit het raam te springen, het telefoonsnoer om haar hals te winden of misschien toch die handvol pillen naar binnen te werken.
De regisseurs Gerrit Timmers en Mirjam Koen hebben ervaring met Burggraaf. Ze maakten vorig jaar samen de voorstelling Ophelia, een operasolo over waanzin en liefde. Ook in de nieuwe productie is de mezzo onafgebroken in beeld. Dat werkt uitstekend. Burggraafs lichaamstaal en haar mimiek zijn prachtig subtiel, haar stem is uitstekend toegerust voor de meer dan een uur durende solo.
De Volkskrant / juni 2010
--------------------------------------------------------------------------------------------------------
Recital Hilversum, met Phyllis Ferwerda - piano
Cora Burggraaf, een hemellicht vlakbij
Mezzosopraan Cora Burggraaf stond in operaproducties van onder andere het Royal Opera House, de San Francisco Opera, de Salzburgerfestspiele, en ga zo maar door. Het was dan ook iets bijzonders om deze opkomende wereldster van dichtbij in de Morgensterkerk te mogen zien. In een lange jurk met blote schouders met aan haar zijde pianiste Phyllis Ferwerda kwam ze goedlachs en kordaat de zaal binnen. De kenners hebben gelijk: de bescheiden zangeres heeft een mooie stem; heel soepel en naturel zingt ze in de diepte en licht in de hoogte, met een donkere marmeren resonans. Haar uitspraak is accentloos in zowel Frans als Duits. In het verbeelden van haar liederen is ze expressief. Met techniek en acteerervaring maakt ze datgene wat ze wil zingen levensecht. Vooral in de lichtvoetige liederen van Bizet, Ravel en Weill komt dit veelzeggend zingen waanzinnig goed over.
In de liederenreeks ‘Histoires naturelles’ van Ravel spelen verschillende dieren de hoofdrol. Het zijn impressionistische prozaschetsen waarin Ferwerda weloverwogen zonder nadrukkelijk aanwezig te zijn Burggraaf solide begeleidde. Bij Le Grillon (de krekel) wisselen zingen en stiltes elkaar af; ademstokkend imiteerde de piano het trillende geluid van de sjirpende krekel.
Natuurlijk maakt Burggraaf in de dramatische liederen van Brahms, Strauss en Schumann (Gedichte der Königin Maria Stuart) ook gebruik van haar innemende expressie. Heel genuanceerd, telkens verschillend bij een ander lied, accentueerden haar ogen, haar blik en haar handen de woorden. De aandacht was groot en je kwam dichter in het verhaal, een enkele keer voelde je niet; het was te gestileerd. Het doorleefde gevoel was daarentegen wil uiterst tastbaar bij het lied ‘Als an eine Aolsharfe’ van Brahms. Deze grote emoties beschreef Burggraaf dicht bij haar eigen emotie. Weills liederen lenen zich prima voor zing-acteren zoals bij ‘Surabaya-Johnny’ waar ze passie en woede op meesterlijke wijze liet zien. Organisator Wouter den Hond had bij Burggraaf verzoeknummers ingediend als toegift en één daarvan was ‘A Chloris’ van Reynaldo Hahn. Misschien wel het mooiste lied dat ze zong op deze avond. Ze hield alles klein, naturel. Een hemellicht vlakbij.
De Gooi- en Eemlander, mei 2010
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Later is te laat – theatervoorstelling met Theater Artemis feb t/m april 2008
MAANMEISJE EN KOOI VERBEELDEN GEDICHTEN PREVERT
Er wordt gerookt, Gauloises natuurlijk. Er wordt existentialistisch in zwarte koffie geroerd, er is een vogelkooi – zonder vogel. En er is natuurlijk een melancholisch gestemde accordeonist.
Later is te laat, een muzikale jeugdvoorstelling van Artemis, is doordrenkt van heimwee naar Frankrijk. Maar dan wel naar het Frankrijk van Jacques Prévert (1900-1977), de populaire volksdichter op wiens werk regisseur Floor Huygen de voorstelling baseerde. Met zijn eeuwige peuk, zijn platte geruite pet en zijn hond, was Prévert een voor alle Fransen bekende verschijning. Veel van zijn gedichten, waaronder het weemoedige Les Feuilles Mortes, zijn op muziek gezet.
Huygen laat de even eenvoudige als surrealistische taal van de dichter voor zich spreken. Ze buit Préverts afkeer van volwassenheid, of eigenlijk van elke vorm van creativiteitsdodend gezag, helder uit. Knap, want haar regie kent geen verhaal. Twaalf gedichten, twee korte verhalen, één monoloog: ze verweven zich met de zo nu en dan aanwaaiende accordeonklanken van Oleg Fateev. Tezamen vormen ze een nostalgische, droomachtige collagevoorstelling.
Acteur Hylke van Sprundel, pet en sigaret à la Prévert, staat voor de kunstenaar. Vastgelopen in de verzakelijkte grotemensenwereld, vindt hij zijn muze in acterende mezzosopraan Cora Bruggraaf, die de bevrijdende kracht van het kind vertegenwoordigt. Nu eens is zij het maanmeisje, verscholen onder het bed, dan weer de kleine ontevreden dromedaris: een lange regenjas, een helm als bult. Waar hij op een denkbeeldige zee alleen maar schuimkoppen ziet, ontdekt zij witte schappen in wollen tutu’s. Zij verleidt hem tot een voetendansje – hij altijd net te laat, zij altijd precies op tijd. En als hij te veel praat, begint zij te zingen – achteloos goed trouwens.
Hier en daar vertrouwt de voorstelling te veel op de tekst. En de donkerte, die kinderlijke lichtheid van Préverte zo beklemmend maakt, is niet altijd even goed voelbaar. Maar dan is daar dat ene gedicht, waarmee vooral de prachtig verbeelde zucht naar vrijheid blijft hangen: Om een portret van een vogel te maken: ”Schilder eerst een kooi met een open deur… Zodra de vogel komt, veeg je een voor een de tralies uit, zonder ook maar een veer van de vogel te raken.” Van Sprundel zegt het Burggraaf doet het, op een ruit. Wat rest is de vogel – zonder kooi.
NRC Handelsblad - Isabella Steenbergen – 11/03/08
Le nozze di Figaro – Gelders Orkest aug 2007
Best op dreef was Cora Burggraaf die als Cherubino driftig ronddartelde over de bühne. Daarbij zong ze de rol fantastisch overtuigend.
Trouw - aug 2007
De meest opvallende bijdrage komt van mezzosopraan Cora Burggraaf. Zij speelt de rol van de page Cherubino, die met zijn liefdesperikelen voor extra verwikkelingen zorgen. Gezegend met een prachtige stem en een sterke persoonlijkheid stuwt ze het soms wat sullige plot naar grotere hoogten. Haar spel is verbluffend goed.
De Gelderlander – aug 2007
De page Cherubino, op zichzelf een bescheiden rol, wordt door Cora Burggraaf op ongewoon innemende wijze ingevuld.
De Volkskrant – aug 2007
|